zaterdag, oktober 01, 2016

Inzending Best Beschreven Boek: Pa P & Ta P

Niet het beste resultaat, maar het beste resultaat eist meer tijd dan een minder resultaat. Qua kwalitijdsverhouding ben ik best tevreden, ondanks ik ook wel weet dat ik me in de eigen voet heb geschoten door zoveel woorden (van de max. 400) aan de introductie te spenderen, waardoor het betoogje in totaal wat haastig en incompleet overkomt. Koppigheid kent zijn prijs. De deadline was gisteren, dus feedback kan niet meer verwerkt worden. Noch alle mogelijke taalfouten.

Godfried Bomans – de avonturen van Pa Pinkelman en Tante Pollewop
Met tekeningen van Carol Voges en 24 foto’s uit de KRO-serie (gestart in 1964)
9e druk 1976, Elsevier uitgave

Als een boek van de geletterde vuilnisbelt gered moet worden, zou het raar zijn als de titel gelijk opduikt. Het moet immers een beetje weggezakt zijn; ook bij de resecerende redder zelf. Op mijn studentenkamer waren de boeken niet van het kaliber om onterechte onbekendheid te kunnen bepleiten. Maar eenmaal vanuit het thuisfront herinnerd aan Pa Pinkelman, besefte ik dat dit boek zijn rentree in de spotlights verdiende. De digitale catalogus van de Eindhovense bibliotheek wist niet waar ik het over had toen ik het boek ter opfrissing wilde inzien. En dan weet u het wel: het verhaal is in de vergetelheid geraakt. En onterecht, want het boek sluit door drie aspecten perfect aan op de hedendaagse cultuur: de (film)industrie voor alle leeftijden, geliefde schrijfstijl en laageisende levensvisie.

De eerste grote portie sarcasme die ik mezelf voorschotelde, moet dit boek zijn geweest. Ik was me daar als kind waarschijnlijk niet van bewust. Maar wel paste ik in de kinderlijke doelgroep die Bomans in eerste instantie voor ogen had. Dat hij uiteindelijk ook het innerlijke kind in een ouder publiek wist te bereiken, bewijst des te meer hoe uitgebalanceerd het boek is. Het doet denken aan het huidige tekenfilmsucces waarin woordspelingen en maatschappelijke persiflages de volwassen filmkijker ook iets extra’s geven.

Nogmaals gelezen doet dit boek sterk denken aan de recente hit van de 100-jarige man die uit het raam klom en verdween. Logischerwijs is dit al reden genoeg waarom Pa Pinkelman een wedergeboorte waard is: de luchtige en ironische stijl is niet slechts mijn persoonlijke voorkeur, maar een algemeen geliefde verhaalvorm.

Naast de expliciete pedagogische les waar het boek op berust, liet Bomans ook in de jaren zeventig al een levenswijze doorschemeren die steeds meer aandacht geniet. Mindful van moment tot moment leven komt duidelijk naar voren wanneer in het verhaal de struisvogelkoets niet van zijn plaats komt: Tante Pollewop is te dik volgens de koetsier. Ze reageert volkomen zen: “het hindert niets, of we nu staan of rijden, dat blijft toch hetzelfde, we gaan toch nooit ergens bepaald naar toe.” Daarnaast sluit Bomans af met een levenswijze les: “Het avontuur is voor de geringen, daar alleen het kleine door het grote verbaasd kan worden.” Oftewel: met de juiste instelling kan iedereen magische momenten beleven. En dat is iets waar jong en oud met dit luchtige en geestige werk van Bomans nog jaren lang aan herinnerd kan worden. 




donderdag, september 01, 2016

Mierenleed

Onze olijfboom Ollie heeft het zwaar. In de winter moest hij het achter het raam hebben van de schaarse zonuurtjes en verloor een substantieel deel van zijn geblade haarbos. Toen het buiten zonniger begon te worden kon Ollie eindelijk een langdurige warme en frisse neus halen op het terras, maar toen werd hij geplaagd door mieren. Tegelijkertijd kreeg hij ook last van zwartgepunte uitslag. Eerst was het mogelijk dat Ollie buiten een luizeninfectie had opgelopen en dat de mieren juist de rol der reddende engelen speelden. Maar aangezien zowel het aantal mieren als het aantal wondjes op Ollie toenam, leek juist het tegenovergestelde geval.

Als verjaardagsgeschenk van Lieske wordt Ollie in huis gehonoreerd en als extra water en zon niet blijken te helpen, ontstaat er toch een beetje paniek. En dan ben je als mier op een risicopatiënt als snel het zwarte schaap; alles wat Ollie tegenzit wordt op de zwarte eenheden geprojecteerd. Ondanks dat probeerde ik de herrieschoppertjes op een miervriendelijke manier bij Ollie vandaan te houden: Ollie op een verhoging en omgekeerd plakband om zijn stam waar zich een mierensnelweg had gevormd. Helaas wisten de mieren niet van ophouden en begon het tijdperk van doodstampen en platdrukken. 

Ondanks dat mierenpower letterlijk hun sterkste kracht is, kan het in contact met mensen ook hun grootse lijdensweg betekenen. Want hoe hard je ook drukt, een mier sterft zelden zonder eerst nog paniekerig op de minst gekwetste pootjes rond te rennen of tevergeefs ermee in de lucht te trappelen.
Dan kun je denken: mooi zo, moeten ze maar met hun tengels van andermans planten afblijven. Maar hoeveel kun je een mier kwalijk nemen? Kwalijk nemen kan het best als het berust op het bewust verkeerd handelen van een (in dit geval slechts nog even) levend wezen.  Misschien hangt de aardbol ook wel in iemands achtertuin terwijl wij die naar de maan helpen. Daar willen wij ook liever niet onbewust voor lijden, toch? Daarnaast schrikt zo’n half lopend mierenlijkje de groep blijkbaar niet af, want de eerstvolgende neemt gewoon zijn taakjes over.


Hetzelfde heb ik bij muggen, van die vervelende bromvliegen en ander klein spul. Tuurlijk maak ik ze dood. Ik heb er immers ook last van. Met grote ergernis nog wel, want van wegwuiven willen ze niets weten; waarschuwingen zijn hun onbekend. En in tegenstelling tot bij het kwalijk nemen, verergert die onschuldige onbewustheid de ergernis alleen maar. Toch zoek ik wel zo snel mogelijk een mepapparaat om de klus te klaren, als ik zie dat er nog hoopvol en paniekerig leven in het beestje zit. 
Ollie (rechts) tijdens revalidatiekuur na vakantie

zondag, augustus 28, 2016

Hondsdrolheid

 Het was vroeg, oké. Hij is al een jaartje ouder, oké. Maar wat voor poets Bommel me dit keer had gebakken, viel niet zomaar te verklaren. Om zeven uur werd ik, na een korte nachtrust, opmerkelijk fris wakker. Misschien wilde ik wel kijken hoe het met Bommel ging aangezien hij diezelfde nacht in mijn droom half-stikkend vanonder een bed wakker schrok. Ik zou in ieder geval met hem gaan wandelen.

Gelukkig was er in het echt niks aan de hand. Met zijn luchtwegen dan; hij strompelde net als de afgelopen dagen nog steeds hinkend uit zijn mand. Maar hij had er zin in. Dus maakten we een lange ochtendwandeling. Gedeeltelijk verschuldigd omdat ik hem bijna dood liet schrikken in mijn eigen nachtelijke geestespel, maar ook zodat we gezondsheidsbevoordelijk onze pootjes en beentjes konden strekken.

Wandelen doen we echter niet alleen voor het wandelen zelf. Eenmaal buiten hebben we altijd een opdracht. Één team, één taak. En dat is Bommel ontlasten. Soms slaagt hij daar zelf niet in. Dan laat hij merken dat hij hoge nood heeft, maar eenmaal buiten blijkt dat tegen te vallen. Nu was het dus erg vroeg en gebeurde er wederom weinig. Hij was op het veld wel nog even achter de bosjes verdwenen. Je weet maar nooit; misschien was onze missie “under cover” toch nog heimelijk geslaagd.

Waar wij uitlaters ons vooral op de activiteiten buitenshuis richten, concentreert Bommel zich vooral op de activiteit die binnenshuis na het wandelen plaatsvindt. Ik was eigenlijk niet van plan hem gelijk te voederen, het was immers nog vroeg. En Bommels aanpak om het voordeel van de twijfel te krijgen was niet erg tactisch. Terwijl hij bij zijn bak klaar stond, ging zijn staart omhoog en vervulde hij zijn eerder verzaakte taak op illegaal terrein. En niet zo’n beetje ook. Ik stuurde hem nog snel naar buiten, maar tevergeefs. De vers gedraaide kiloknaller op de vloer was een feit.


Met een oude pizzadoos als stoffer en een romatomatenbakje  als blik (nu eenmaal  ároma-), veegde ik verward de drollen van de vloer. Kon ik Bommel dit kwalijk nemen? Hij had geen reden om dit opzettelijk te doen, niet nadat hij net drie kwartier met zijn lievelingsbaasje had gelopen. Maar hij moest toch wel inzien dat dit wel heel verdacht overkwam? 

Mocht niks van dit alles in zijn seniele kop spelen, dan zouden zorgen om lichamelijke kwaaltjes zoals een hinkepoot of stikneigingen verwaarloosbaar zijn. Heel even leek het inderdaad allemaal foute boel te zijn. Maar eenmaal weer gefocust op zijn voerbak stelde hij me gerust. Er speelde maar één ding in zijn hoofd en dat was eten. En dat kon maar één ding betekenen: hij is gelukkig nog steeds helemaal de oude. 




donderdag, augustus 25, 2016

Zo maar uit de krant


En ja, zo maar in de lokale krant. Kende ik alle tips? Nee, maar tip 3 is voor
mij altijd al geldig gebleken. Niet alleen romans/poëzie, maar vooral
reisboeken en biografieën. En wat tip 4 betreft zal niemand tekort komen,
hoop ik.





woensdag, augustus 24, 2016

Externe Satire: Strategische student schrijft reisverslag van te voren om burn-out te voorkomen

Ralf Vertrocken (23) zal net als enkele medestudenten aankomend academisch jaar gedeeltelijk aan een buitenlandse universiteit studeren. Hij onderscheidt zich echter van zijn medestudenten door al voor vertrek met een compleet reisverslag op tafel te komen. “Een goed begin is het halve werk, en van uitstel komt afstel.”
Waar Ralf komend semester naar Peking zal vertrekken, bevond hij zich na het behalen van zijn vwo-diploma al eens in het zuidoosten van Azië. Toentertijd hield hij ook een reisblog bij, maar dat liep slecht af. “Tijdens het backpacken kostte het schrijven regelmatig wat cruciale nachtuurtjes. Meestal kon ik de dag erna vrijwel opnieuw beginnen omdat het van belabberde kwaliteit was.” Ralf kon het schrijven noch zijn avontuurlijke activiteiten minderen en keerde uiteindelijk met een burn-out terug van zijn reisvakantie.
Het nieuwe reisverslag van Ralf zal op de dag van vertrek online beschikbaar worden gemaakt. Volgers van Ralfs reizen kunnen elke week op de reissite waarbenjij.nu een blog-update vinden, maar voor het gemak zal het complete verslag ook te downloaden zijn in PDF-formaat.






Link van origineel: http://www.deslash.nl/archief/strategische-student-schrijft-reisverslag-van-te-voren-om-burn-out-te-voorkomen/

zondag, augustus 21, 2016

Feno- en/of Genotypische Intro-invloed

De introweek van de TU/e is weer voorbij. Kersverse studenten breken het onderlinge ijs met hun toekomstige studiegenoten onder actieve en feestelijke omstandigheden. Daarnaast leren ze ook de universiteit en stad kennen. Introweken schijnen altijd een succes te zijn. Weinig slaap, veel onvergetelijke momenten die het vroege stadium van het studentenleven tekenen. Aangezien ik me pas midden in de introductieweek van mijn eerste jaargang inschreef, had ik deze helaas gemist. Zo werd de overgang naar dit het studententijdperkje zonder eerste contacten nog spannender. Maar nu eenmaal vier jaar later, kan ik bevestigen dat het goed gekomen is.

De intro is mij echter niet helemaal vreemd. In het tweede jaar was ik eventjes betrokken bij de sportactiviteit namens onze sportcommissie. En ik was van de partij op het partijtje van onze studievereniging. Ondanks ik bij de commissie afhaakte, hield ik het  meefeesten wel nog een jaartje vol. Vorig jaar piekte ik daarentegen met mijn intro-activiteit, zijnde een intro-ouder.
Als intro-ouder begeleid je met je mede-ouder een groep vers studiebloed. Samen ben je verantwoordelijk voor de informele studiestart die je introkiddo’s zich naar verwachting positief bij zal blijven. Nou had ik mijn eigen introweek niet meegemaakt en kon ik me er weinig bij voorstellen, dus het voelde een beetje als mijn eigen introweek.  Alleen moest ik nu een groep verlegen eerstejaars enthousiast krijgen, met activiteiten waar ik zelf als nieuwkomer noch aankomend masterstudent warm voor liep. Toch deed ik mijn uiterste best om bij te dragen aan wat ik zelf vier jaar geleden misliep.

Tijdens de intro leert een aankomend student ook zijn studievereniging goed kennen. Er wordt gehoopt en verwacht dat enkele nieuwe leden actief zullen bijdragen aan het commissiewerk en in de pauzes gezellig samen hun bammetjes met kaas tostiëren. Persoonlijk ben ik na een onvolledig jaar sportcommissie vrijwel alleen actief geweest bij de leukere activiteiten (voornamelijk drankgelegenheden). En hoewel mijn mede-ouder bij meerdere commissies betrokken is geweest, blijken onze kinderen een extreme variant om niet bij de studievereniging te verschijnen van mij geërfd te hebben. Nog nooit zijn we ze tegengekomen op een borrel. Zelfs met de traditie om als introgroep samen te dineren voor het eerstvolgende verenigingsfeest, werd unaniem gebroken...


Een unieke wanprestatie, gezien vanuit het gezichtspunt van de studievereniging. Ikzelf durf te geloven dat onze kinderen het toch naar hun zin hadden gehad, zoals ze zelf ook aangaven. Dat niemand actief bij de vereniging is geworden, is uitzonderlijk, maar niet per se slecht. Het waren gewoon niet van die verenigingsmensen. Wel hadden we drie zeer serieuze sporters onder onze hoede. En onze Roemeense dochter schreef nog in het verenigingsmagazine hoe geweldig ze haar buitenlandse avontuur vond. Sporten en schrijven dus. Van wie zouden ze dat nou hebben?



Thema: gangsters
gangsters (maar dan vrolijk)

donderdag, juni 16, 2016

Externe Column: The Secret of the Saxophone Solo


Misschien niet helemaal waarheidsgetrouw, maar semi-autobiografiën zijn helemaal hip.
--------------- ------------------ -------------------- ------------------------- ----------------- ------------------ -----

Improvising at songs I have never heard before: that’s what my online musical trade-mark has become. But it didn’t use to be a skill I was inherently good at. As a matter of fact, I used to suck at a particular type of saxophone exercise, the so-called “echo exercises”. During these exercises, the player has to repeat the short melodies that are played by a CD, with a book that visually provides a selection of notes which are possibly being played. Successfully completing these exercises is a key element for improvisation, because you acquire the feeling of playing the notes you hear and that you actually want to play. Well, even at the lowest pace I could barely reenact the simple melodies with only a couple of possible notes.

As embarrassed as I was to fail so heavily in front of my saxophone teacher, I started to play along with popular radio songs and tried to mimic the rhythm and melody of the singer’s voice. At least I could now fail at home; in private. I was surprised how quickly I progressed without my teacher’s presence. Especially by taking into account my lack of native ability for the echo exercises.

Although I could still use a lot of practice, I am now able to discover the key of a song within no-time and I am getting better at realizing the melodic ideas I hear inside my head. This resulted in a bunch of Snamco Sax Edits on Youtube, but it’s also of great use during the Ultra Magic Balloons practices on Mondays. Some people are gifted with the perfect pitch and can tell you straight away what key songs are in. I just need a minute with my fingers on the saxophone (or piano) and get an internal representation of the scale with notes that are in tune.

Knowing the suitable notes is only a part of the job, though. Especially on the saxophone; besides inspiration for the actual melodies you play, you really make it or break it by your embouchure. However, knowing you won’t play out-of-tune notes will boost the result both directly and indirectly. Directly because you simply don’t sound like a skimpy screaming pig. Indirectly, because you’ll start playing more confidently and relaxed, which is such a big deal to your saxophone’s sound. Getting this so-called timbre right can be an immense pain in the ass, but that’s a different story. However, for the musical journey of acquainting the ideal timbre, the same principle applies: practice makes perfect.





Kampioenschappen kwarkbroodknagen

Hoe je daarvoor inschrijft? Sommigen hebben het geluk automatische deelnemer te zijn.
Zoals daar zijn: runner up Mier278, maar absoluut aan de top staat knaagexpert John!
Nog maar vier ronden te gaan, lange tanden toegestaan!

Wat zeg je? Nooit van kwarkbroodjes gehoord? Dat gaat als volgt:
John is verheugd om in de Tsjechische supermarkt Tvorak te kunnen ontdekken maar och och och, wat een boel kleurtjes en smaakjes zijn er. Hoppa, ff allemaal proberen want kwark is altijd lekker, toch?
Eerste was wat korrelig, neu niet lekker. Tweede nog korreliger en eigenlijk... geen van alle te vreten!
Zit je dan met alle smaakjes en kleurtjes en nee, weggooien bestaat niet bij John. Dus recepten ingedoken, misschien was de smerige kwark om te dopen tot iets lekkers? Taart, brood?
Jaja, het oude beproefde kwarkkeulchenrecept bood oplossing. Leek het.
Winst 13 broodjes hoewel.... winst niet de juiste benaming bleek.

Vanaf dag 1 het grote gevecht de gordroge broodjes naar binnen te werken. Plicht, niksnie ander broodje aanraken totdat verplicht rantsoen overwonnen was. Close your eyes and think of England! (of was dat een andere toepassing?). Maar eenmaal binnen bleef het ook binnen, mag niets van gezegd worden. Standvastige broodjes, noch voor noch achter wilden ze het lijf verlaten. Verstopping alom.
Kosten-baten-analyse: besparing aan wcpapier woog niet op tegen cursus Slowaaks om apotheek te vinden.
Want jawel, het werden bereisde en internationale broodjes waaraan alle nationaliteiten mieren zich tegoed deden. Zij wel... wij ploeterden verder.

En nu op dag drie (of al vier, ik meen me te herinneren dat ik smokkelde qua rantsoen) wordt het krachtsport. En krachttermen.

Kortom: veel te doen onderweg, veel gezien en veel meegemaakt maar het topverhaal wilden we jullie niet onthouden!
Wie wil het recept?

Groetjes van Mier278 en John en de dalende wcpapieraandelen.

zaterdag, juni 04, 2016

Big Data. Een lang verhaal.


De semi-studieverenigingsspam bestond laatst uit een uitnodiging voor het JADS master event te ’s-Hertogenbosch. JADS, dat staat voor de Jheronimus Academy of Data Science, is een initiatief dat volgend jaar massaal data-engineer-entrepreneurs wil gaan klaarstomen voor de grote opkomst van Big Data. Aan mijn muur hingen al folderknipsels van de desbetreffende master, dus op zich behoorde ik wel tot de doelgroep. Toen bleek dat mijn huisgenoot zich al had ingeschreven, was de beslissing snel gemaakt. Een heus huisuitje dus.

Het JADS-beleid legt net als in de folder de nadruk op het complete plaatje waaraan de toekomstige afgestudeerde data-scientist moet gaan voldoen. Naast technische skills moet hij of zij ook de zogenoemde soft skills beheersen. Dat is ook de reden waarom de opleiding in samenwerking met de TU/e door de universiteit van Tilburg wordt georganiseerd. Waarom de uiteindelijke Academische data-campus in Den Bosch wordt opgericht, mag Jheronimus weten. Net als de reden waarom het event in de Verkade fabriek plaatsvond, want tussen alle verscheidenheid aan versnaperingen kwam er geen Verkade koekje aan te pas.

Maar, over de versnaperingen niets te klagen. Er werd van te voren alleen vermeld dat er een kleine doch smaakvolle snack zou worden geserveerd. We zouden van deur tot onze eigen deur zeker zes uur van huis zijn, dus achtten wij de maaltijdsalades in mijn rugzak zeker niet als overbodige luxe. Maar nadat de tafeltjes culinair bekleed werden met plankjes (op een bordje dan wel), er meerdere malen worstenbroodjes rondgingen en op het eind een drie-versiteit aan wraps werd geserveerd, konden de maaltijdsalades thuis gewoon weer de koelkast in.

Drie uur aan praatjes is best lang, zeker als de eerste twee praatjes nietszeggende informatieve samenvattingen zijn van kennis die ook op internet te vinden is (en grotendeels in de folder). Gelukkig werden die opgevolgd door jonge ondernemers die ons met hun slagen en falen konden vermaken. Huisgenoot was minder enthousiast, die vond het toch wel eens tijd dat die klantgerichte ondernemer met zijn Bonaire-bruine huid eens een punt achter zijn klantgerichte-punt ging zetten. Dan konden we door naar de laatste activiteit op de agenda; netwerkborrelen. Eerlijk is eerlijk, het was best een lange zit. Daarom zal ik daarentegen het lange verhaal kort maken: door de versnaperingen, het exclusieve bliksem bier achteraf en een shotje data-enterprising inspiratie was ik zeker weten verzadigd. Moeten we vaker doen, dat netwerken.

"Moeten we vaker doen, dat netwerken" - De jongen rechtsachter

donderdag, mei 26, 2016

Ontbrekende blote billen in nieuw saxgezicht



Mijn vader pleit voor het belang in sociale pauzebezigheden tussen de colleges door. Ik denk niet dat het elke pauze waard is om tijdens college drie kwartier lang in ergernis bezig te zijn de concentratieboog terug op te krabbelen. Ondanks dat voel ik wel degelijk wat voor het netwerken omtrend de studie-activiteiten. Zo sleepte ik bijvoorbeeld mijn eerste programmeuropdrachtje binnen door een college met een websiteontwikkelaar bij te wonen. Nieuw empirisch bewijs leverde een nieuwe profielfoto op die nu mijn muziekkanaal op Youtube representeert.

Als extra vak volg ik adaptive web-based systems, waarbij ik met mijn groepje besloten heb om een schaaksite te ontwikkelen die zich aanpast aan de kennis en cognitieve strategie van de bezoeker. Interessant, niet? Toch was één van mijn twee groepsgenoten tijdens de eerste meeting al binnen een kwartier afgeleid. Wazige foto’s kwamen voorbij waarop hij met zijn vriendin ergens de toerist aan het uithangen was. Maar de foto's waren wazig voor een reden; ze bestonden namelijk uit allemaal kleine foto’s.

Dit is op zich niks nieuws, deze fototechniek bestaat al langer. Ik herinner me zelfs zo’n soortgelijke poster van Mickey Mouse uit mijn basisschooltijdperk. Toch was deze foto het showen waard. De jongen had het algoritme waarmee de foto was geproduceerd namelijk zelf geschreven, als opdracht voor een vak. En wat hij zelf het mooiste vond, was dat de willekeurig opgehaalde foto’s van Twitter vooral naaktfoto’s bevatten. Een foto van jou en je vriendin bestaande uit vreemde pornosterren. Wie wil dat nou niet?

Voor Youtube wilde ik een persoonlijkere maar niet al te persoonlijke foto voor op Youtube. De man achter de muziek laten zien. Maar privacy blijft toch een dingetje. Bovendien is het ongemakkelijk om je eigen hoofd bij elke video en reactie te zien staan. Een wat vagere, artistieke foto zou dus ideaal zijn. En ik had nog wel een geschikte foto. “Kun je hier geen billenkliekje van knutselen?”

Naast trots te zijn op het resultaat van zijn algoritme, was de maker teleurgesteld toen hij inzoomde en geen schunnigheden aantrof.  Hij probeerde het nu met een foto die hij van mijn facebookpagina wist te vissen, maar tevergeefs. “Er zitten gewoon niet de juiste kleuren in jouw foto’s….”


Naast die fotogenerator had hij nog meer interessantigheid in petto. Zijn baantje bestond uit het testen van de service in onder andere supermarkten en koffiezaken. Kortom, starbuckslatté's consumeren en er nog betaald voor krijgen ook. Na mijn interesse nadrukkelijk te hebben getoond, kwam hij niet met het aanbod of ik dat ook zou willen doen. Daar vraag ik de volgende keer dan wel naar. Sociaal doen kent ook zijn tijd. De foto is in ieder geval al binnen, inclusief de inspiratie om weer eens twee sax edits te uploaden.