vrijdag, mei 20, 2016

Gat in de markt wordt gedicht

Dit ben ik, een quasi-uniek psychotechlogisch mensch.
Beloofd dat mijn studie essentieel zou zijn en door veel bedrijven gewenst.
Nieuwsberichten doen de roze TU/e bril echter zakken.
De kennismaatschappij beweegt.
Ironisch genoeg hebben zowel de mens als techniek de concurrerende smaak te pakken.
Van alle kanten opgesloten, als een Go-steentje klaar om van het bord te worden geveegd.

Psychologie is populistisch, dat spreekt ieder aan; we hebben immers allemaal de psyche.
Dat de louter psychologie studie populair is, was al langer een feit.
Daarom koos ik voor een mix met techniek en ICT.
Maar nu blijkt dat kids massaal zullen leren programmeren, slechts voor de algemene vaardigheid.
Iedere kleuter z’n eigen digitale Raspberry Pi creatie; de toekomst ligt nu alweer in handen van de volgende generatie.

Op creatief gebied dan, valt daar nog iets unieks te halen?
Ten eerste gaat dat in de muziek niet lukken. Tonen en klanken harmonisch op de maat, verbluffend hoe soepel de solo van de ArtIst gaat.
Gecomponeerd uit honderden historische stukken.
Hoe graag je het ook zou willen, luisteren naar kunstmatige muziek resulteert niet in hoorbare verschillen.

In de keuken en op papier kunnen de robots ook al mee, gebaseerd op crème de la crème deskundige data zonder gebreken.
Rolt er zo weer een science-fiction verhaal uit of een recept met Michelin-ster.
Niets is te gek, niks gaat te ver.
Het receptenalgoritme is familie van de geprogrammeerde wijsneus die ook de mens in de denksport versloeg. Go, daar lustte ie pap van.
De mens vernederd, vergaan met die banaan.

Voor een menselijk unicum blijkt geen verder bestaan. Want voor wie dacht dat de dichterij nog een uitweg was, moet zichzelf niet bedriegen.
Kunstmatige Intelligentie heeft ook zijn eerste poëtische prijs al binnen.
Net als de tijd van technologische progressie zien we onze dromen vervliegen.
Van een robot valt niet te winnen.
( Oké, ballen, dat kunnen ze dan nog even niet.
Maar een zesde-klas-studententeam, daar valt nog geen kruimel mee te innen.
Dus ook daar ligt voor mij geen carrière in het verschiet. )
Misschien moeten we maar opnieuw beginnen?

Totalitaire kortsluiting; Hup,
al het namaakdenken de vergetelheid in.
Natuurlijk niet de domme robots; die houden we nog even.
Om te sjouwen en te bouwen. Zelf de rotklusjes doen is niet aan te bevelen.
Maar voor de humane trots kan een slim kunstmatig offer vast geen kwaad.
Kunnen we tenminste weer met een gerust hart
Onze Egootjes strelen. 





zaterdag, april 16, 2016

Externe Column: Three Time-Tensed Gifts

“Yesterday is history, tomorrow a mystery, but today is a gift. That is why it is called the present.” The wise sensei Oogway from Kung-Fu Panda thought me that. Deeply inspired by this peacefully looking turtle, I gave the essential philosophy quite some thought. I also gave mindfulness quite some thought, which embraces the same philosophy. But during my mindfulness experience, I noticed two psychological contradictions that make it not that straightforward to live for this very moment only. These two happiness-facilitating mechanisms are embedded in the future and past: anticipatory pleasure and gratitude.

We are always acquiring new or improved desires by nature. This makes sense from an evolutionary point of view; it’s an old survival principle. If a caveman desperately desires a shelter-giving cave, he will not stay satisfied for long with his rocky home since his desires change. He can’t be, since he needs to be motivated to leave his cave in order to find food in time and not starve to death. Therefore, we experience the feeling of anticipatory pleasure: to keep us on the move.

These feelings of desire in advance can actually be stronger than the feeling of satisfaction afterwards. You certainly have experienced the immensely fast decreasing satisfaction of an achievement which at first sight seemed like such a big deal, it promised to be a long-term relieve after achieving it; but it didn’t. Undoubtedly you already had a new desire in mind that would truly make you happy this time. Hence, a new anticipation pleasure has arisen. This is to make sure we keep looking ahead, getting to the greener grass. Nevertheless, despite its deceptive mental promises, anticipatory pleasure can be a valuable feel-good tool in the present. Dare to (day)dream.

Gratitude on the other hand, is actually the counterpart of always looking forward. Gratitude makes you realize what you already got: a present of the past. Writing down what you are genuinely thankful for each week should be enough to pull at least a tiny happiness-trigger, not to mention the positive side-effect of exercising more*.

Still, the message of the philosophy teacher turtle is meaningful. But feel free to also cherish your memories of the past and enjoy the exciting feeling of future desires. That makes three gifts; and the more gifts, the better. So to end with an additional quote by the great French writer Gustave Flaubert that even master Oogway could learn from: “pleasure is found first in anticipation, later in memory.”


* = (scientific research by Dr. Emmons and Dr. McCullough)

dinsdag, maart 08, 2016

Scandikritische benadering en de verklaring voor het uitstekende Engels

Naast de lovende verhalen over de vooruitstrevende en welvarende landen in het Noorden, is niet alles zoals het lijkt. Zo schijnen ze in Finland relatief veel wapens op zak te hebben en blijken mannen zware drankproblemen te hebben:

Brutal Thruth About Scandinavia

En waarom ze naast knäckebröd ook toast goed kunnen uitspreken. Het geheim zit hem als in alles; constante onderdompeling van hetgeen je wil leren:

Why are Scandinavians so Damn Good at Speaking English?


Rest nog het koude klimaat.
Helaas niet onbelangrijk voor mij.

maandag, februari 22, 2016

Een Robot, Maar Natuurlijk!


De mens probeert zelf de touwtjes van Moeder Natuur in handen te nemen met behulp van technologische ontwikkelingen. Bijvoorbeeld door het bestrijden van ziektes, DNAanpassingen maken in flora en fauna of het 3D-printen van protheses. Maar ook door onze gelimiteerde capaciteiten te compenseren met computers voor complexe calculaties en vliegtuigen voor het vlugste vervoer. Of anderzijds door de technologie te gebruiken voor verspreidend vermaak na de introductie van televisie, radio en internet. Kortom, de humane controle op ons eigen bestaan is uiterst invloedrijk.

Ontwikkelingen die ons leven in de huidige context verbeteren, hoeven echter niet per se uit de fabriek of het lab te komen. Het kan ook low-tech, zoals dat al onbewust gebeurde voordat de mens ooit het eerste staaltje technologie in handen heeft gehad; door de old-school evolutie. Alleen kent de natuurlijke evolutie geen Moore's law die een exponentiële groei aanduidt. Integendeel, de survivallende fittest is een resultaat van toevallige, langzame en kleinschalige mutaties. 

Toch heeft dat slome en lukrake proces af en toe nog een streepje op ons voor, zoals dat laatst ook bleek op de hoogwaardige Harvard-universiteit. Daar werd het ontwerp voor een ultiemekruiprobot gebaseerd op de natuurlijke kakkerlak. Met hun flexibele schilden zullen de innovatieve kakkerlakrobots ingezet worden om lastige plekken te bereiken, bijvoorbeeld tussen het post-ramp-puin, waar de huidige generatie robots daar te statisch voor is. Dus hoe invloedrijk we als intelligentere wezens ook mogen zijn, soms heeft een goed idee gewoon de tijd nodig waarvan Moeder Natuur de ideale bron is. Met bewezen genialiteit gebaseerd op eeuwenoude ervaring. 






zondag, januari 31, 2016

Opvraag aan bovenuitspringende columns, if any

Tot 1 april kan elke schrijver tussen de 15 en 25 iets insturen voor de Write Now! schrijfwedstrijd.
Ik was van plan gedichten in te sturen en het verhaaltje dat ik ooit schreef: Eigen slachtoffer.

Maar in totaal mag ik maar 2000 woorden insturen en de inhoud is vrij. Dus ik dacht, mochten er bepaalde columns iemand zeer positief bijgebleven zijn, dat het misschien leuker is om een paar columns in te sturen in plaats van een langere lap tekst. Ik hoor het graag! Anders schrijf ik waarschijnlijk nog iets nieuws.

(Tip voor Oop: pak gelijk de columnbeoordelingen mee.)

Links op de site is een archief te vinden, klik op de zwarte pijltjes om uit/in te klappen,
zo kun je meerdere maanden open hebben en laadt de pagina niet opnieuw.

vrijdag, januari 29, 2016

Externe column: To fixie or not to fixie

Two-wheeled trade-offs

Although ‘transportation’ sounds mainly as a mere functional activity, it can also contribute to your appearance and looks. Everyone understands the difference between traveling by a big Rolls Royce or by a rusty granny’s bike.
When it comes down to hipsters and alternative folks, growing a beard and wearing alternative tripping flower-printed clothes might seem to be enough to get that cool appearance. But it’s not.

The ultimate mean of transportation that properly fits their looks and lifestyle is the fixed geared bike; aka the fixie.  And then I’m not talking about the racing bicycles most of the (wannabe) hipsters travel by. Although it seems cool, it’s not the real deal if the pedals are not directly linked to the chain (hence, the key property of a fixie).

Fixies are beloved for their simplicity, natural mechanics and authenticity. Before they became popular, they were used by urban postmen in America. The advantage of the direct link of the pedals to the chain is that you don’t need brakes. With some skills, you don’t even need to dismount for traffic lights because you just wait in a sur place(standing still in balance).


An important drawback of these brakeless bikes is that they aren’t particularly safe, especially not if you use them like the American messengers did: crisscrossing through the crowded traffic to deliver mail and packages as fast as possible. But to be honest; neither is speeding with 260 km/h in your Ferrari. So, when it comes to transportation it is not surprising that safety is being traded off against appearance, not to mention swag.


The ultimate hipster mean of transportation has another requirement. Even if one owns a fixed gear bike, it is still not socially accepted by the fixie-community if the bike is some ready-to-use bike shipped from of China. A genuine fixie should be built and tweaked by the owner himself.


I made one myself too. Not to become a real hipster, but I thought the simplest type of bike was the most convenient to use (to be honest, also because my dad is a huge fan). Anyway, since I know what a fixie is supposed to be like, I somewhat despise the wannabees on the road with their geared or single-speed racing bikes. Maybe just because I’m jealous of the fact they can shift gears and don’t have to pedal all the time.



I must admit I don’t use my fixie that often. In this country, without mudguards, kickstand and a regular ring lock, it turned out not to be that convenient at all. Not to mention the continuous fear that the precious rims might get damaged or stolen. So besides safety and swag, there is another trade-off factor: convenience. And most of the time I take my slackened image for granted, leaving my fixie at home to just ride my dull rickety grandpa’s bike. 


Anderen niet (gedichtenwedstrijdgedicht)

Met het volgende gedicht ben ik in de voorselectie gekomen van de gedichtenwedstrijd van het Bijbels Museum.

Geen zorgen, het is fictief en is tot stand gekomen door het thema "afgunst".

Anderen niet
Anderen mogen, ik niet
Anderen genieten, ik niet
Anderen vervullen, ik niet.

Anderen kunnen grenzeloos, ik kan slechts
stilstaan bij andermans vooruitgang 
mijn quasi-blijdschap steeds opnieuw verminken
janken om de destructieve perfectiedwang
mijn eigen bloed wel drinken.

Ik haat, anderen niet
Ik lijd, anderen niet
Ik verneder, anderen niet
Ik heb spijt, verdoe tijd.

Ik ben niet goed, laat staan op mijn best
een grauwe uitgedroogde klodder
naast inspirerende regenboogpaletten;
ik kom beroerd uit de verf in contrast met de rest.

Ik verafschuw, anderen niet
Ik verafschuw anderen niet
Anderen niet. Ik verafschuw ik.

donderdag, januari 21, 2016

Periodieke paradigma's

Geïnspireerd ging ik het nieuwe jaar in door het woord dat op een collegeslide voorbij kwam: paradigm. Of zoals we het als Nederlanders onder elkaar noemen: paradigma. Een visie, een kijk op iets. Een denkkader. Lekker abstract, lekker vrij interpreteerbaar. Mijn omschrijving komt ook voort vanuit een bepaald paradigma, dat slaat op een veel bredere toepasbaarheid dan waar het oorspronkelijk linguïstisch voor dient.

Paradigma’s beslaan voor mij op beoordelingssystemen, halfvolle glazen en normen en waarden. Natuurlijk is dat niet waarvoor ik het woord in de les voorbij zag komen. Dat ging over een nieuw onderzoeksparadigma waarmee men kon testen of een plastic arm kon worden ervaren als toebehorend aan het eigen lichaam. Maar die wetenschapsfilosofie terzijde; paradigma’s zijn overal. Ze beïnvloeden het denken en doen en omdat de meesten van ons denken en doen, zitten die achterliggende visies dus ook overal verscholen.

Het nog mooiere van paradigma’s is hun flexibiliteit. Paradigma’s zitten in onze bovenkamers, zo tastbaar als de elektrische signalen zelf die neuronen elkaar daarboven toesturen. En eenmaal van hun flexibiliteit bewust, nam ik een blik terug in de tijd en ontdekte verschillende periodieke paradigma’s. Vaker dan eens compleet in de ban van poker, andertijds vooral bezig met views scoren op Youtube. Tijdens schoolperiodes bezig om vrije tijd te realiseren, tijdens vakanties bezig om die vrije tijd zo memorabel mogelijk in te vullen. Een verfrissende kijk op vroegere kijkramen; meta-paradigmatisatie.

Dan nog even toegepast: mijn nieuwe uitdaging is om elke vorm van boosheid bij problemen als een gebrek aan creativiteit te zien. Als je immers de juiste paradigm-shifts kunt maken, is er altijd wel een denkkader waarbij je geen last van het probleem zou hebben. Of omdat je een oplossing kent, of die oplossing opzoekt (of niet eens opmerkt). Je zou het ook constructief denken kunnen noemen.

Als je van boosheid naar creativiteit kunt shiften, zou dat ook kunnen vanuit een angstig naar een humoristisch perspectief. Of van onzekerheid naar avonturistisch. Denk er maar eens over na en denk er maar eens anders over. De mogelijkheden zijn zoals je ze zelf invult.

Geïnspireerd ging ik het nieuwe jaar in door het woord dat op een collegeslide voorbij kwam: paradigm. Of zoals we het als Nederlanders onder elkaar noemen: paradigma. Een visie, een kijk op iets. Een denkkader. Lekker abstract, lekker vrij interpreteerbaar. Mijn omschrijving komt ook voort vanuit een bepaald paradigma, dat slaat op een veel bredere toepasbaarheid dan waar het oorspronkelijk linguïstisch voor dient.

Paradigma’s beslaan voor mij op beoordelingssystemen, halfvolle glazen en normen en waarden. Natuurlijk is dat niet waarvoor ik het woord in de les voorbij zag komen. Dat ging over een nieuw onderzoeksparadigma waarmee men kon testen of een plastic arm kon worden ervaren als toebehorend aan het eigen lichaam. Maar die wetenschapsfilosofie terzijde; paradigma’s zijn overal. Ze beïnvloeden het denken en doen en omdat de meesten van ons denken en doen, zitten die achterliggende visies dus ook overal verscholen.

Het nog mooiere van paradigma’s is hun flexibiliteit. Paradigma’s zitten in onze bovenkamers, zo tastbaar als de elektrische signalen zelf die neuronen elkaar daarboven toesturen. En eenmaal van hun flexibiliteit bewust, nam ik een blik terug in de tijd en ontdekte verschillende periodieke paradigma’s. Vaker dan eens compleet in de ban van poker, andertijds vooral bezig met views scoren op Youtube. Tijdens schoolperiodes bezig om vrije tijd te realiseren, tijdens vakanties bezig om die vrije tijd zo memorabel mogelijk in te vullen. Een verfrissende kijk op vroegere kijkramen; meta-paradigmatisatie.
Dan nog even toegepast: mijn nieuwe uitdaging is om elke vorm van boosheid bij problemen als een gebrek aan creativiteit te zien. Als je immers de juiste paradigm-shifts kunt maken, is er altijd wel een denkkader waarbij je geen last van het probleem zou hebben. Of omdat je een oplossing kent, of die oplossing opzoekt (of niet eens opmerkt). Je zou het ook constructief denken kunnen noemen.

Als je van boosheid naar creativiteit kunt shiften, zou dat ook kunnen vanuit een angstig naar een humoristisch perspectief. Of van onzekerheid naar avonturistisch. Denk er maar eens over na en denk er maar eens anders over. De mogelijkheden zijn zoals je ze zelf invult.  





maandag, januari 11, 2016

koppelaar vindt match

http://www.msn.com/en-gb/news/world/schoolgirl-is-japan-trains-only-passenger/ar-CCllDQ?ocid=spartandhp


vriendin voor zoon oliesheik?

Toen ik bovenstaand bericht las moest ik denken aan de mop die Hub (?) ooit schreef of vertelde.
Zoon van rijke sheik stuurt zijn vader een brief om te melden hoe zijn start op de universiteit verloopt: "Pap, ik word nog niet erg opgenomen in de groep; ik val teveel op als ik met de Masarati op school kom terwijl anderen de trein nemen".
Vaders antwoord: "Beste zoon hier is 3 miljoen, koop ook een trein!"

Kortom: match?